Associatief leren bij honden: hoe associaties gedrag beïnvloeden

Judith Fick met hond Reza

Door Judith Fick, eigenaar Hondentaak

Judith Fick is hondengedragstherapeut, Kynologisch Instructeur en oprichter van Hondentaak. Sinds 2015 biedt zij hondentraining voor hondeneigenaren die het gedrag van hun hond op een diervriendelijke en praktische manier willen verbeteren. Zij was instructeur bij KNGF en geeft ook les aan hondentrainers.

Honden leren voortdurend verbanden tussen gebeurtenissen, situaties en de gevolgen van hun gedrag. Door ervaringen kunnen bepaalde mensen, dieren, plaatsen, geluiden of handelingen een betekenis krijgen voor je hond. Dit noemen we associatief leren. Zo kan het pakken van de riem voorspellen dat je hond gaat wandelen, terwijl een bezoek aan een bepaalde plek juist spanning kan oproepen door eerdere ervaringen. Associaties kunnen daardoor invloed hebben op hoe je hond zich voelt én hoe hij zich gedraagt.

Begrijpen welke associaties je hond heeft geleerd, kan je helpen om gedrag beter te begrijpen en nieuwe leerervaringen bewust vorm te geven.

Hoe leert een hond?

Een hond leert onder andere door ervaringen en door verbanden te leggen tussen wat er gebeurt. Een situatie die aanvankelijk weinig betekenis heeft, kan door eerdere ervaringen een voorspeller worden van iets prettigs of juist iets onprettigs. Daarnaast leert een hond van de gevolgen van zijn eigen gedrag. Gedrag dat iets oplevert wat voor de hond waardevol is, kan vaker voorkomen. Ook kan gedrag veranderen doordat het andere gevolgen heeft dan de hond verwachtte.

Deze verschillende vormen van leren vallen onder associatief leren. Klassieke en operante conditionering zijn belangrijke leerprocessen die hierbij een rol spelen. Wil je meer weten over één van deze leerprincipes? Lees dan ook Klassieke conditionering bij honden: hoe werkt het?

Associaties gebruiken bij hondentraining

Tijdens hondentraining ontstaan voortdurend associaties. Je hond leert niet alleen welk gedrag iets oplevert, maar leert ook wat bepaalde woorden, gebaren, voorwerpen en situaties voorspellen. Zo kan het rammelen van een halsband voor een hond gaan voorspellen dat hij zijn kop door de halsband kan steken en daarna iets prettigs gebeurt. Een clicker kan een voorspeller van een beloning worden en het aantrekken van je wandelschoenen kan voorspellen dat jullie naar buiten gaan.

Welke associaties tijdens de training ontstaan, is belangrijk om te begrijpen. Een hond kan een oefening bijvoorbeeld associëren met iets prettigs en gemotiveerd deelnemen, maar een trainingssituatie kan ook spanning gaan voorspellen. Kijk daarom tijdens het trainen niet alleen naar het gedrag dat je wilt aanleren, maar ook naar de ervaring die je hond tijdens het leren opdoet. Bij positieve hondentraining ligt de nadruk op het aanleren en versterken van gewenst gedrag, waarbij ook motivatie en de beleving van je hond een belangrijke rol spelen.

Ervaringen leiden bij je hond tot associaties

De ervaringen die je hond opdoet, kunnen invloed hebben op de betekenis die mensen, dieren, plaatsen en situaties voor hem krijgen. Een prettige ervaring kan bijdragen aan een positieve associatie, terwijl een nare of spannende ervaring ervoor kan zorgen dat een vergelijkbare situatie later spanning oproept. Dit speelt bijvoorbeeld een belangrijke rol bij de socialisatie van een hond. Het gaat daarbij niet alleen om kennismaken met zoveel mogelijk mensen, honden, geluiden en situaties. De kwaliteit van die ervaringen is minstens zo belangrijk.

Associaties kunnen ook verklaren waarom een hond later anders op een situatie reageert. Een hond die een bepaalde prikkel met iets onprettigs heeft leren associëren, kan bij het opnieuw waarnemen van die prikkel al spanning ervaren. Dat kan zichtbaar worden in zijn lichaamstaal of gedrag, bijvoorbeeld door afstand te nemen, te verstijven, te blaffen, te grommen of uit te vallen. Om gedrag goed te begrijpen, is het daarom belangrijk om niet alleen te kijken naar wat je hond doet, maar ook naar welke ervaringen en associaties mogelijk aan dat gedrag bijdragen.

Positieve en negatieve associaties bij honden

Of een ervaring prettig of onprettig is, wordt uiteindelijk bepaald door hoe je hond die ervaring beleeft. Wat voor de ene hond nauwelijks betekenis heeft, kan voor een andere hond juist heel prettig of spannend zijn. Een positieve associatie kan ontstaan wanneer een bepaalde situatie regelmatig iets prettigs voorspelt. Een hond kan bijvoorbeeld leren dat de komst van een bepaald persoon leuke activiteiten of iets lekkers voorspelt.

Andersom kunnen ook negatieve associaties ontstaan. Een hond die tijdens een bepaalde gebeurtenis pijn, angst of veel spanning ervaart, kan onderdelen van die situatie daarmee gaan associëren. Soms is dat heel specifiek, maar een associatie kan zich ook uitbreiden naar vergelijkbare situaties of prikkels. Dat betekent niet dat iedere nare ervaring automatisch tot een blijvende negatieve associatie of een gedragsprobleem leidt. Hoe een hond leert van een ervaring hangt onder andere samen met de hond zelf, de intensiteit en context van de ervaring en wat er daarna gebeurt. Door rekening te houden met bestaande associaties kun je beter begrijpen waarom je hond op een bepaalde manier reageert en welke nieuwe ervaringen kunnen helpen bij gedragsverandering.

Associatief leren en klassieke conditionering: wat is het verschil?

Associatief leren is een brede term voor leren door verbanden. Klassieke conditionering en operante conditionering zijn vormen van associatief leren. Bij klassieke conditionering leert een hond dat gebeurtenissen of prikkels elkaar voorspellen. Bij operante conditionering speelt het verband tussen het gedrag van de hond en de gevolgen van dat gedrag een belangrijke rol.

Op deze pagina kijken we vooral naar de associaties die honden door hun ervaringen kunnen ontwikkelen. Wil je dieper ingaan op de onderliggende leerprincipes? Lees dan ook Klassieke conditionering bij honden, waarin we onder andere Pavlov en het verschil tussen klassieke en operante conditionering bespreken.

Associaties gebruiken om hondengedrag te beïnvloeden

Wanneer je gedrag wilt veranderen, is het belangrijk om niet alleen te kijken naar wat je hond doet. Vraag je ook af waarom je hond dit gedrag laat zien, wat hij in die situatie heeft geleerd en welke associaties een rol spelen. Soms wil je ander gedrag aanleren. In andere situaties is het juist belangrijk dat je hond een situatie anders gaat ervaren. In de praktijk kunnen deze processen tegelijkertijd een rol spelen. Wil je beter begrijpen hoe honden leren en hoe je leerprincipes kunt gebruiken bij het begeleiden en veranderen van gedrag? In de workshop Gedrag beïnvloeden gaan we hier uitgebreider op in.

Twijfel je wat bij jouw hond past?

Iedere hond en situatie is anders. Heb je een vraag over het gedrag van jouw hond of wil je weten welke begeleiding het beste past? Neem gerust contact met me op.

Waarom Hondentaak?

Professionele hondentraining van een gediplomeerd en geaccrediteerd hondengedragstherapeut

✓ 10+ jaar ervaring
✓ Sinds 2015 Hondentaak
✓ SPPD-geaccrediteerd gedragstherapeut
✓ Kynologisch Instructeur (hondentrainer)
✓ Ervaring als instructeur bij KNGF Geleidehonden
✓ 15+ online hondencursussen
✓ Persoonlijke ondersteuning bij iedere cursus

Judith Fick schrijft maandelijks over hondengedrag en -training voor het Belgische WOEF Magazine. Ze geeft scholing en bijscholing aan hondenprofessionals via o.a. O&O en Tinley:

Verder lezen