Heropvoeding hond
Wil je je hond heropvoeden? Dan is er waarschijnlijk gedrag dat je graag zou willen veranderen of zijn er vaardigheden die je hond nog moet leren. Dat kan ook wanneer je hond allang geen pup meer is. Een hond heropvoeden betekent niet dat de eerdere opvoeding per definitie is mislukt. Gedrag ontstaat door een combinatie van onder andere aanleg, leerervaringen, emoties, omgeving en de omstandigheden waarin een hond leeft. Bovendien kunnen verwachtingen veranderen wanneer een hond ouder wordt of in een andere situatie terechtkomt.
Begin daarom niet alleen met de vraag welk gedrag je wilt afleren, maar vooral met: wat doet mijn hond nu, waarom doet hij dit en welk gedrag wil ik hem hiervoor in de plaats leren?
Wil je jouw hond vanaf het begin goede gewoontes en vaardigheden aanleren? Lees dan ook ons artikel over een hond opvoeden. In dit artikel richten we ons specifiek op het veranderen van bestaande gewoontes en gedrag bij honden die al bepaalde ervaringen hebben opgedaan.
Ook een volwassen of oudere hond kan nieuw gedrag leren. Hoe je dat aanpakt, hangt af van je hond én van het gedrag dat je wilt veranderen. Hulpmiddelen kunnen management ondersteunen, maar vervangen niet het aanleren van ander gedrag.
Wat wil je veranderen aan het gedrag van je hond?
Wat we als ‘goed gedrag’ beschouwen, hangt voor een deel af van de situatie en van wat jij belangrijk vindt in het dagelijks leven met je hond. Maak daarom eerst concreet welk gedrag je wilt veranderen en welk gedrag je daarvoor in de plaats wilt zien. Probeer vervolgens te begrijpen waarom je hond het huidige gedrag laat zien. Wat levert het gedrag hem op? Speelt er angst, spanning, frustratie of opwinding? Begrijpt je hond wat je van hem verwacht? En is hij in die situatie daadwerkelijk in staat om ander gedrag te laten zien?
Voorkom waar mogelijk dat ongewenst gedrag steeds opnieuw wordt geoefend en maak gewenst gedrag haalbaar en waardevol voor je hond. Beloon het gedrag dat je vaker wilt zien en bouw de training stap voor stap op. Bij heropvoeden gaat het daardoor niet alleen om gedrag stoppen, maar vooral om je hond helpen ander gedrag te leren.
Moet je een dominante hond heropvoeden?
Gedrag dat als lastig of ongewenst wordt ervaren, wordt soms verklaard vanuit dominantie: de hond zou ‘de baas willen zijn’ en daarom strenger moeten worden aangepakt. Zo eenvoudig is hondengedrag niet. Dominantie kan een rol spelen in sociale relaties tussen individuen, maar is geen algemene verklaring voor probleemgedrag of voor een hond die thuis voortdurend grenzen opzoekt.
Blaffen, trekken, opspringen, grommen, iets bewaken of niet reageren op een signaal kunnen heel verschillende oorzaken en functies hebben. Denk bijvoorbeeld aan aangeleerd gedrag, frustratie, angst, spanning, opwinding of het beschermen van iets wat voor de hond waardevol is. Wil je een hond heropvoeden, probeer dan daarom niet eerst te bepalen hoe je ‘dominant gedrag’ kunt onderdrukken. Onderzoek welk gedrag je ziet, in welke situaties het voorkomt en waardoor het gedrag ontstaat of in stand blijft. Vanuit die informatie kun je bepalen wat je hond moet leren en welke begeleiding daarbij past.
Lees ook meer over dominantie bij honden.
Hond laten heropvoeden of zelf trainen?
Wanneer het gedrag van je hond lastig is om zelf te veranderen, kan begeleiding door een professional helpen. Soms wordt daarbij gekozen voor intensieve begeleiding of voor een traject waarbij de hond tijdelijk bij een trainer verblijft. Het is daarbij belangrijk om te beseffen dat honden contextgebonden leren. Gedrag dat je hond bij een trainer, op een trainingslocatie of in een andere omgeving leert, wordt niet automatisch op dezelfde manier toegepast wanneer hij weer thuis is. Ook jij zult daarom moeten weten hoe je het nieuwe gedrag kunt begeleiden en verder kunt oefenen in jullie dagelijks leven.
Heropvoeding hond intern
Bij een interne heropvoeding verblijft je hond tijdelijk bij een trainer die met het gedrag van je hond aan de slag gaat. Dit kan in sommige situaties voordelen hebben, bijvoorbeeld wanneer intensieve training of tijdelijk ander management nodig is. Een intern traject neemt de rol van de eigenaar echter niet weg. De omgeving, jouw reactie op het gedrag en situaties die je hond thuis of tijdens wandelingen tegenkomt, kunnen allemaal invloed hebben op het gedrag.
Kies je voor een intern traject, let er dan op dat er voldoende aandacht is voor de overdracht naar jou als eigenaar. Je moet niet alleen weten wat er met je hond is geoefend, maar ook begrijpen hoe je dit thuis kunt voortzetten en hoe je moet handelen wanneer het oude gedrag opnieuw optreedt.
Honden heropvoeden in een roedel
Soms worden honden voor training in een groep of ‘roedel’ geplaatst. De aanwezigheid van andere honden kan invloed hebben op het gedrag van een hond, maar dat betekent niet automatisch dat een hond daardoor leert hoe hij zich in andere situaties moet gedragen. Gedrag dat binnen zo’n groep verandert, kan bovendien sterk samenhangen met die specifieke omgeving en de aanwezige honden. Kijk daarom altijd naar welk gedrag je wilt veranderen, waardoor dit gedrag ontstaat en of de gekozen trainingssituatie aansluit bij het probleem dat je in het dagelijks leven ervaart.
Uiteindelijk is het doel niet alleen dat je hond tijdens een training ander gedrag laat zien, maar dat jij en je hond samen verder kunnen met wat er is geleerd
Oudere hond heropvoeden
Ook een oudere hond kan nieuw gedrag leren. Leeftijd betekent dus niet automatisch dat gedrag niet meer kan veranderen. Kijk wel naar wat je van je hond vraagt en wat hij lichamelijk en mentaal aankan. Bij plotselinge gedragsveranderingen of gedrag waarbij mogelijk pijn of lichamelijk ongemak een rol speelt, is het belangrijk om daar eerst naar te laten kijken. Bepaal vervolgens welk gedrag je wilt veranderen, welke situaties daarbij een rol spelen en welk alternatief gedrag je wilt aanleren. Gedrag dat een hond jarenlang heeft geoefend kan tijd kosten om te veranderen, dus werk in haalbare stappen en houd rekening met de individuele hond.
Hoe kun je zelf je hond heropvoeden?
Wil je zelf het gedrag van je hond veranderen? Begin dan niet direct met trainen, maar breng eerst goed in kaart wat er gebeurt en wat je wilt bereiken. Hoe beter je begrijpt waarom je hond bepaald gedrag laat zien, hoe gerichter je kunt bepalen wat hij moet leren.
1. Beschrijf concreet welk gedrag je wilt veranderen
‘Mijn hond luistert niet’ of ‘mijn hond gedraagt zich dominant’ zegt nog weinig over wat er daadwerkelijk gebeurt. Beschrijf liever concreet wat je ziet. Bijvoorbeeld: mijn hond springt tegen bezoek op, trekt naar andere honden of gromt wanneer ik zijn bot wil pakken.
2. Onderzoek wanneer en waarom het gedrag voorkomt
Kijk naar de situaties waarin het gedrag ontstaat en wat eraan voorafgaat. Wat probeert je hond met het gedrag te bereiken of te voorkomen? Spelen bijvoorbeeld angst, spanning, frustratie, opwinding of eerdere leerervaringen een rol? Door je hond beter te leren begrijpen, kun je gerichter bepalen wat hij nodig heeft.
3. Voorkom dat ongewenst gedrag steeds opnieuw wordt geoefend
Management kan onderdeel zijn van heropvoeden. Door situaties tijdelijk anders in te richten, kun je voorkomen dat je hond steeds opnieuw in omstandigheden terechtkomt waarin het ongewenste gedrag ontstaat. Tegelijkertijd creëer je ruimte om ander gedrag aan te leren.
4. Bepaal welk gedrag je wél wilt zien
Alleen weten wat je hond niet meer mag doen is niet voldoende. Wat wil je dat hij in die situatie wél doet? Denk bijvoorbeeld aan rustig op vier poten blijven wanneer er bezoek binnenkomt of contact met jou maken wanneer er tijdens het wandelen een andere hond verschijnt.
5. Leer het gewenste gedrag stap voor stap aan
Maak het nieuwe gedrag in eerste instantie makkelijk voor je hond en beloon hem wanneer hij de juiste keuze maakt. Oefen eerst in situaties waarin de kans op succes groot is. Lees ook hoe je stap voor stap zelf je hond kunt trainen.
6. Bouw de moeilijkheid geleidelijk op
Gedrag dat thuis goed lukt, lukt niet automatisch buiten of in een situatie met veel afleiding. Voeg daarom geleidelijk moeilijkheid toe en kijk naar wat je hond op dat moment aankan. Wordt een oefening te moeilijk, maak de situatie dan weer eenvoudiger.
7. Schakel hulp in wanneer dat nodig is
Sommig gedrag vraagt om meer dan algemene trainingsadviezen. Zeker bij agressie, angst, plotselinge gedragsveranderingen of gedrag waarbij de veiligheid van je hond, jezelf of anderen een rol speelt, is het verstandig om professionele hulp in te schakelen. Met gedragsbegeleiding en training kan worden gekeken naar de oorzaak van het gedrag en een aanpak die past bij jouw hond en situatie.
Hulp bij het heropvoeden van je hond?
Wil je gedrag van je hond veranderen, maar weet je niet goed waar je moet beginnen? De juiste aanpak hangt af van het gedrag, de oorzaak en de situatie waarin het voorkomt. Bij Hondentaak kun je kiezen uit online hondentraining of persoonlijke gedragsbegeleiding.